Wat zijn de vier evangeliën? Mattheüs, Marcus, Lucas en Johannes
Stel je voor: je zit op een zondagmorgen in een kerk in Amsterdam of in een dorpshuis in Friesland. De voorganger leest voor, en je hoort vier verschillende verhalen over hetzelfde leven van Jezus.
Waom zijn die verhalen niet precies hetzelfde? Dat is de kern van de vier evangeliën. Het is niet zomaar een verhaal; het is een raamwerk van vier perspectieven die samen een rijk beeld geven van wie Jezus was.
In dit stuk duiken we in Mattheüs, Marcus, Lucas en Johannes. Je leest wat ze zijn, waarom ze ertoe doen en hoe je ze vandaag nog kunt gebruiken.
Makkelijk en zonder al te veel poespas.
Wat zijn de vier evangeliën eigenlijk?
De vier evangeliën zijn de eerste vier boeken van het Nieuwe Testament. Ze heten Mattheüs, Marcus, Lucas en Johannes.
Elk beschrijft het leven, de dood en de opstanding van Jezus. Ze zijn geschreven vanuit verschillende perspectieven en voor verschillende publieken.
Denk aan vier vrienden die over dezelfde avond vertellen: iedereen ziet iets anders en legt andere dingen vast. Waarom vier? Omdat één verhaal nooit alles kan vangen.
De vroege kerk besefte dat elk evangelie een eigen focus had. Mattheüs wilde laten zien dat Jezus de beloofde Messias is voor het joodse volk. Marcus schreef een snelle, krachtige versie voor niet-joodse lezers. Lucas zocht zorgvuldig naar historische details en sprak vooral niet-joden aan.
Johannes koos voor een diepere, spirituele blik. Samen geven ze een vollediger beeld dan één verhaal ooit zou kunnen.
In de Nederlandse traditie zie je die vier regelmatig terug. In een kerkdienst lezen ze meestal uit een van deze vier.
In een Bijbelstudiegroep bij de lokale kerk of in een online community zoals IZB of de NGK vergelijk je ze. Zo ontdek je waarom Jezus bij de een rustig praat en bij de ander fel reageert. Het werkt als een vierdimensionale foto: je ziet diepte, kleur en beweging.
Waarom zijn ze belangrijk?
De evangeliën zijn het hart van het christelijk geloof. Zij laten zien wat Jezus deed en zei, en dus wat God doet en zegt.
In Nederland zie je dat terug in de liturgie, in de kunst en in de manier waarop kerken praten over hoop en gerechtigheid. De evangeliën geven woorden aan wat mensen al eeuwen bezighoudt: wie is God? Wat is goed? Hoe ga ik om met pijn en vreugde?
Ze helpen ook om je eigen verhaal te verstaan. De evangeliën laten zien dat twijfel en geloog naast elkaar bestaan.
Thomas die niet gelooft tot hij ziet. Petrus die faalt en toch wordt hersteld. Dat is herkenbaar. In een tijd waarin veel mensen worstelen met zingeving, bieden deze verhalen een anker.
Ze zijn niet abstract; ze zijn concreet en menselijk. Historisch gezien zijn de evangeliën ook belangrijk voor ons beeld van de eerste eeuw.
Ze laten zien hoe Jezus beweging creëerde rondom thema's als armoede, ziekte en religieuze druk.
In Nederland zie je die thema’s terug in debatten over zorg, vluchtelingen en rechtvaardigheid. De evangeliën geven niet alleen een spirituele lens, maar ook een morele kompas voor hoe we met elkaar omgaan.
De kern en werking: de vier perspectieven op een rij
Mattheüs schrijft voor mensen die vertrouwd zijn met de joodse Bijbel. Hij haalt vaak de profetieën van Jesaja aan om te laten zien dat Jezus de Messias is.
Je vindt bij hem de Bergrede en de nadruk op wet en gerechtigheid. Hij spreekt over 'het Koninkrijk van de hemel' en legt verbanden met profeten. Voor hem is Jezus de Koning die het volk leidt, zoals beschreven in het Nieuwe Testament over Jezus en de vroege kerk.
Marcus is kort en krachtig. Hij gebruikt vaak 'meteen' en 'direct'.
Zijn verhaal voelt als een film die doorraast. Hij laat Jezus vooral zien in actie: genezingen, conflicten, stormen.
Hij benadrukt het mysterie van Jezus en de stap voor stap openbaring. Voor wie houdt van een snelle, beeldende stijl, is Marcus ideaal. Denk aan een compacte podcast die je in één ruk uithoort. Lucas is zorgvuldig en toegankelijk.
Hij begint met een inleiding en volgt een chronologische opbouw. Je leest over barmhartigheid, armen en vrouwen.
Hij vertelt verhalen die je bij andere evangelisten niet vindt, zoals de barmhartige Samaritaan en de verloren zoon. Zijn toon is warm en inclusief. Hij wil laten zien dat Jezus voor iedereen komt.
Johannes is anders. Minder 'feiten', meer betekenis.
Hij gebruikt symbolen als licht, water en brood. Hij laat Jezus lange gesprekken voeren en benadrukt dat wie in hem gelooft, leven heeft. Zijn doel is niet alleen vertellen, maar overtuigen en verdiepen.
Wie diepgang zoekt, vindt in Johannes een schat aan reflectie. Samen werken ze als een vierluik.
De eerste drie, Mattheüs, Marcus en Lucas, heten de synoptische evangeliën omdat ze veel overeenkomsten hebben. Johannes vult aan met een eigen stem. In de praktijk lezen kerken ze in een vierjarige cyclus: elk jaar komt een van de vier aan bod in de lezingen. Zo ontdek je via de vier verschillende evangeliën als gemeente langzaam een volledig beeld.
Hoe je de evangeliën leest en vergelijkt
Je kunt de evangeliën op verschillende manieren lezen. Een klassieke aanpak is de synopsis: je legt de parallelle passages naast elkaar.
In boekvorm vind je dat bijvoorbeeld in synopsis-uitgaven van Bijbelvertalingen. Online zijn er tools die per hoofdstuk laten zien wat Marcus en Lucas over hetzelfde moment vertellen. Zo zie je waar ze overlappen en waar ze afwijken.
Een andere praktijk is lectio divina. Je leest een kort stukje, bijvoorbeeld Marcus 4:35-41 (de storm op het meer).
Je laat het bezinken, bidt erover en schrijft één zin op wat het met je doet. Dit werkt goed in een groep van 3-6 personen. Je hoeft geen theoloog te zijn; je bent wel nieuwsgierig.
Wie van structuur houdt, kan thema’s volgen. Zoek in Mattheüs naar 'Koninkrijk', in Marcus naar 'meteen', in Lucas naar 'barmhartigheid' en in Johannes naar 'geloof'.
Gebruik een eenvoudig notitieboekje of een app. Plan 10 minuten per dag.
Na een maand heb je een helder beeld van de focus van elk evangelie. Wil je een verdiepingsslag? Volg een online cursus van een Nederlandse theologie faculteit of een webinar van een kerkelijke organisatie. De VU Amsterdam of de TU Kampen bieden openbare lezingen en webinars.
Ook de IZB en Gereformeerde Kerken vrijgemaakt organiseren regelmatig Bijbelstudies. De kosten variëren: van gratis tot ongeveer €25-€50 voor een kleine reeks.
Wat je leesstijl ook kiest: begin klein. Kies één hoofdstuk per week. Praat erover met een vriend.
Stel drie vragen: wat zegt dit over Jezus, wat over mij, wat over God? Zo blijft het niet bij kennis, maar wordt het onderdeel van je leven.
Praktische tips om ze toe te passen
Begin met een leesplan. Kies vier weken: week 1 Mattheüs 5-7 (Bergrede), week 2 Marcus 4-5 (storm en genezing), week 3 Lucas 15 (verloren zoon), week 4 Johannes 3-4 (gesprekken over water en licht). Zet een reminder op je telefoon.
Schrijf na elk hoofdstuk één zin op wat je raakt. Zoek een leesgroep.
Bij veel kerken zijn er Bijbelkringen. Bij de PKN, CGK, NGK of Baptisten gemeenten starten vaak nieuwe groepen in september en januari.
De bijdrage is meestal nihil of symbolisch (€5-€10 per avond voor koffie en materiaal). Online zijn er communities op platforms van kerken of via apps. Kies een groep van 4-8 mensen voor persoonlijke aandacht.
Gebruik een leesbril die bij je past. De NBV21 is helder Nederlands en geschikt voor de meeste lezers.
De Statenvertaling is traditioneler en woordgetrouw. Een studiebijbel met voetnoten helpt om context te begrijpen. Een goedkope optie is een digitale Bijbelapp (gratis), een fysieke studiebijbel kost vaak €35-€60. Kijk bij lokale boekhandels of tweedehands via Marktplaats.
Combineer lezen met doen. Kies één praktische opdracht per week. In de lijn van Lucas: schrijf een kaart aan iemand die eenzaam is. In de lijn van Johannes: praat met iemand over hoop. In de lijn van Mattheüs: zoek rechtvaardigheid in je eigen omgeving, bijvoorbeeld door een klacht goed af
