Moderne pelgrimage: Waarom ook niet-gelovigen de Camino lopen
Je staat ’s ochtends vroeg op. Je bent moe, je voeten doen zeer, maar je hebt net een prachtige zonsopkomst over de Spaanse heuvels gezien.
Je loopt al dagen. En je bent niet gelovig. Vreemd? Helemaal niet.
De Camino de Santiago, de eeuwenoude pelgrimsroute naar het graf van de apostel Jacobus in Spanje, beleeft een enorme revival. Steeds meer Nederlanders pakken hun rugzak, trekken hun wandelschoenen aan en lopen. Zonder religieuze bedoelingen. Waarom doen ze dat?
Omdat de Camino veel meer is dan een kerkelijke tocht. Het is een reis naar jezelf.
Wat is moderne pelgrimage?
Moderna pelgrimage betekent simpelweg dat je een oude, spirituele route loopt, maar dan met een eigen, persoonlijke reden.
Je zoekt geen heilige, je zoekt iets anders. Misschien rust. Of een antwoord op een vraag die je al tijden bezighoudt. Of gewoon de uitdaging van een lange wandeling. De Camino is de meest bekende route, maar het idee is universeel: je onderbreekt je dagelijks leven om ruimte te maken voor iets groters.
Iets dat niet in een kerkgebouw of tempel hoeft te zitten. De Camino loopt al meer dan duizend jaar.
Pelgrims liepen vroeger naar het graf van Sint-Jacobus (Santiago) uit devotionele overtuiging.
Ze zochten vergeving of genezing. Tegenwoordig zoeken veel wandelaars vooral verbinding. Met de natuur, met andere mensen, en met hun eigen gedachten.
De route is een soort openluchttherapie. Je bent alleen, maar nooit écht alleen.
Je ontmoet anderen, deelt verhalen, en wandelt soms dagenlang met iemand op. Of juist niet. Jij bepaalt. Een pelgrimspaspoort, de 'Credencial', is nog steeds je toegangsbewijs. Je kunt hem krijgen bij het Nederlands Pelgrimskantoor of bij de Kathedraal van Utrecht.
Je verzegelt hem in herbergen onderweg. Met minstens twee stempels per dag bewijs je dat je gelopen hebt.
Als je 100 kilometer (of 200 km op de fiets) hebt afgelegd, krijg je in Santiago het 'Compostela'-certificaat. Voor niet-gelovigen is dit een tastbare beloning voor je inspanning. Een bewijs van volharding.
Waarom kiezen Nederlanders voor de Camino?
Veel Nederlanders herkennen het beeld van de 'verdooldheid'. We leven in een rijk en georganiseerd land, maar toch voelen veel mensen een leegte. De Camino biedt een simpel antwoord: lopen.
Je hoeft niets te presteren, behalve de volgende stap zetten. De route is een metafoor voor het leven: het gaat niet altijd om de bestemming, maar om de reis ernaartoe.
En die reis is in Spanje vaak prachtig, eenvoudig en confronterend tegelijk. Daarnaast is er de aantrekkingskracht van de geschiedenis.
Je loopt over dezelfde paden als middeleeuwse boeren, koningen en bedelaars. In Nederland kennen we die eeuwenoude traditie ook. Denk aan de bedevaart naar Ons' Lieve Heer op Solder in Amsterdam, of de pelgrimage naar de Sint-Janskathedraal in 's-Hertogenbosch.
De Camino voelt als een internationale uitbreiding van die cultuur. Het is een stukje Europees erfgoed dat je letterlijk onder je voeten voelt.
De sociale druk in Nederland kan hoog zijn. We moeten presteren, carrière maken, altijd bereikbaar zijn. Op de Camino verdwijnt die druk. Je bent niemand. Je hebt geen status.
Iedereen draagt hetzelfde: een rugzak en verkeerde sokken. Die gelijkwaardigheid trekt veel mensen.
Je ontmoet artsen en bouwvakkers die ’s avonds samen in een herberg zitten te kletsen.
Het is een wereld op miniaturen, waarinrang en stand niet bestaan. Veel wandelaars beginnen aan de route na een groot verlies of een verandering in hun leven. Een echtscheiding, het overlijden van een dierbare, of het verliezen van een baan.
De Camino helpt om het hoofd leeg te maken. De eenvoud van het lopen, het ritme van je ademhaling en de constante beweging zorgen voor helderheid. Het is niet zweverig; het is gewoon hard werken voor je mentale gezondheid.
De praktische kant: routes, kosten en uitrusting
De meest populaire route is de 'Camino Francés'. Die start in Saint-Jean-Pied-de-Port en is ongeveer 800 kilometer lang.
Voor de meeste niet-gelovigen is dat te veel. De populairste optie is de laatste 100 kilometer, startend in Sarria. Dit is de minimumafstand om het Compostela-certificaat te krijgen.
Je loopt dan in ongeveer 5 tot 7 dagen. Het landschap is groen en heuvelachtig (Galicië).
De route is goed bewegwijzerd met de karakteristieke blauw-gele schelpen. Een andere optie is de schitterende Camino del Norte (Noordroute).
Die loopt langs de Spaanse noordkust. Het is iets cooler, natte en spectaculair mooi. Je loopt door Baskenland en Cantabrië. Deze route is minder druk dan de Francés, maar wel wat pittiger vanwege de vele klimmetjes.
De laatste etappes van de Norte sluiten aan op de beroemde Camino Francés, net voor Santiago. Prijzen voor de vliegtickets naar Bilbao of Santander liggen vaak rond de €150-€250 retour, afhankelijk van de seizoen.
Wat kost zo'n tocht? De kosten hangen af van je comfortniveau. De 'Albergues' (pelgrimsherbergen) kosten tussen de €10 en €15 per nacht.
Eten in een 'Menu del Peregrino' (pelgrims-menu) kost ongeveer €12-€15 voor drie gangen inclusief wijn.
Een biertje of koffie kost vaak maar €1,50. Als je een privékamer wilt, betaal je meer, tot €50 per nacht. Een totaalbudget van €300-€500 voor de laatste 100 kilometer is realistisch, exclusief vlucht en aanschaf van spullen.
Je uitrusting is cruciaal. Je hoeft geen duur merk te kopen, maar bespaar niet op schoenen.
Ga naar een speciaalzaak zoals 'Hike & Out' in Amsterdam of 'De Bergsport' in Nijmegen voor goed advies. Koop wandelschoenen een maat groter dan je normale schoenen, want je voeten zwellen op. Een rugzak van 30-40 liter volstaat.
Verder: een goede slaapzak (niet te warm, herbergen hebben dekens), een regenjas (regenlaagjes!), en de 'Camino App' (of de papieren gids van de GR5) om de route te volgen. De beste reistijd is mei, juni of september.
Juli en augustus zijn extreem heet en druk. In mei bloeit alles en is het nog fris.
In september is het weer stabiel en zijn de druiven geoogst. De herbergen zijn dan wel vol, dus je moet vroeg opstaan (om 6:00 uur) om een bed te bemachtigen. Tegenwoordig kun je veel herbergen online reserveren via apps zoals 'Buen Camino', wat de stress van 'een bed vinden' wegneemt.
Varianten en alternatieven voor de Camino
De Camino is niet de enige optie; je kunt ook wandelen naar Santiago de Compostela vanuit Nederland via prachtige eigen routes die in populariteit toenemen.
De 'Pelgrimsroute van Utrecht naar Santiago' loopt door Nederland en België. Je kunt deelnemen aan de '4Daagse van Nijmegen', die door velen gezien wordt als een moderne bedevaart. Het is een wandelevenement met een enorme historie, gestart in 1909.
Je loopt er 30, 40 of 50 kilometer per dag. De sfeer is feestelijk en sportief.
Een andere interessante route is de 'Sint-Oswaldroute'. Deze loopt van Groningen via Duitsland naar Engeland. Sint-Oswald was een koning die een belangrijke rol speelde in de vroege geschiedenis van Groot-Brittannië en Nederland. Deze route is minder toeristisch en meer voor de avonturier.
Je loopt door de Friese Wouden en over de Duitse heuvels. Het is een stuk rustiger en goedkoper dan de Camino in Spanje.
Wie het liever dichter bij huis houdt, kan de 'Pieterpad' lopen. Dit is de langste wandelroute van Nederland (280 km), van Pieterburen in Groningen naar Sint-Pietersberg in Limburg. Hoewel het geen traditionele pelgrimsroute is, trekt het veel wandelaars die op zoek zijn naar rust en reflectie.
De kosten zijn minimaal; je kunt slapen in B&B's of op campings.
Je hebt geen vliegticket nodig. Wil je het combineren met spiritualiteit? Overweeg dan een stiltetocht of een mindfulness-wandeling.
Organisaties zoals 'Stiltewandelingen' of 'In Nederland' bieden georganiseerde tochten aan, vaak in combinatie met meditatie. Dit is duurder dan zelf lopen (vaak €150-€300 per weekend), maar je hebt begeleiding en een groep. Dit kan een goede opstap zijn naar het zelfstandig lopen van een lange route.
Praktische tips voor je eerste tocht
Begin klein. Loop niet direct 100 kilometer in Spanje als je nog nooit langer dan 5 kilometer hebt gewandeld. Oefen thuis.
Loop het Pieterpad of een deel daarvan. Zo kom je erachter of je schoenen goed zitten en of je rugzak comfortabel is.
Je hoeft geen marathonloper te zijn, maar een basisconditie is essentieel. Begin met 10 kilometer per dag en bouw het langzaam op. Leer een paar woorden Spaans. Het hoeft niet perfect.
'Buen Camino' (fijne reis) zeggen tegen iedereen die je tegenkomt, opent deuren.
'Una cerveza, por favor' helpt na een zware dag. De lokale bevolking waardeert het enorm als je de moeite neemt. Het maakt de reis warmer en menselijker.
Vergeet je Nederlandse directheid niet; een glimlach en een 'dankjewel' werkt overal. Pack light. Echt.
De meeste beginners nemen te veel mee. Je hebt geen vijf setjes kleding nodig.
Neem twee shirts, een extra broek, sokken en ondergoed. Was je kleding elke avond in de gootsteen van de herberg. Gebruik sneldrogend materiaal (merinowol is duur maar gaat jaren mee en ruikt niet snel).
Een handdoek van microvezel is licht en droogt snel. Vergeet je oordoppen niet; herbergen zijn rumoerig.
Investeer in blarenzorg. Neem pleisters, tape en een naald mee.
Blaren zijn de nummer één reden dat pelgrims voortijdig stoppen. Als je een vochtige blaar hebt, doorboor hem met een steriele naald en plak er een pleister op.
Loop er niet mee door tot het bloedt. Smeer je voeten elke avond in met vaseline of een speciale wandelcrème. Je voeten zijn je belangrijkste bezit op de Camino. En tot slot: wees open.
De Camino geeft je wat je erin stopt. Als je met een gesloten houding loopt en jezelf afsluit van anderen, mis je het mooiste.
De magie van de Camino zit 'm in de toevallige ontmoetingen. De Italiaan die je helpt met je kaart, de Canadees die je trakteert op een lunch, de Spanjaard die je de weg wijst. Zie het niet als een prestatie, maar als een cadeau. En geniet vooral van het lopen.
