Iconen schilderen: De spiritualiteit van de oosterse traditie

Portret van Henk van der Linden, historicus over religieuze tradities in Nederland
Henk van der Linden
Historicus en cultuurjournalist
Religieuze Kunst, Muziek en Musea · 2026-02-15 · 8 min leestijd

Je kent ze wel: die prachtige, gouden schilderijtjes die je soms in een orthodoxe kerk of in een museum ziet hangen.

Ze kijken je diep aan. Alsof ze een geheim bewaren. Dat zijn iconen.

Ze zijn veel meer dan alleen een mooi plaatje. Ze zijn een venster naar het goddelijke. In Nederland ontdekken steeds meer mensen de rust en de spiritualiteit van het schilderen van iconen. Het is een eeuwenoude traditie die je helpt om stil te worden en te concentreren.

In dit artikel neem ik je mee in de wereld van de iconenschilderkunst.

We gaan het hebben over wat het is, waarom het zo speciaal is en hoe jij zelf kunt beginnen, speciaal afgestemd op wat er in Nederland te vinden is.

Wat is een icoon eigenlijk?

Een icoon is niet zomaar een schilderij. Het is een afbeelding van Jezus Christus, Maria of een heilige. In de oosterse traditie, met name in de orthodoxe kerk, worden iconen gezien als vensters naar de hemel.

Als je naar een icoon kijkt, kijk je niet naar een stukje hout en verf.

Je kijkt door de afbeelding heen naar de persoon die erop staat. Het is een vorm van gebed zonder woorden.

De regels voor het schilderen zijn streng en eeuwenoud. Je mag niet zomaar je eigen fantasie gebruiken. De vormen, kleuren en composities zijn vastgelegd in canonieke teksten.

Dit klinkt misschien star, maar het geeft juist rust. Je hoeft geen keuzes te maken over de compositie.

Je kunt je volledig richten op het spirituele proces. In Nederland vind je deze traditie vooral in de Russisch-orthodoxe en Grieks-orthodoxe kerken, maar ook in oecumenische gemeenschappen. Het doel van een icoon is niet om realistisch te zijn zoals een foto. Het doel is om de innerlijke werkelijkheid te tonen.

Heiligen worden afgebeeld met vergrote ogen, omdat ze zien wat wij niet zien. De achtergrond is vaak goud, symbool voor het eeuwige licht van God. Als je een icoon schildert, schilder je dus niet een persoon, maar een ontmoeting.

Waarom zou je dit doen?

Veel mensen in Nederland zijn op zoek naar zingeving en rust in een drukke wereld. Het schilderen van een icoon is een meditatieve bezigheid.

Je handen werken, maar je hoofd wordt stil. Doordat je je moet houden aan strenge regels, verdwijnt de twijfel.

Je volgt een pad dat al eeuwen wordt bewandeld. Dit geeft een gevoel van verbondenheid met de generaties iconenschilders die voor je zijn gegaan. Het is ook een manier om je geloof of spiritualiteit te verdiepen.

Je bent dagen, soms weken, bezig met één gezicht. Je leert iedere plooi van de mond en iedere lijn van het oog kennen.

Tijdens het schilderen denk je na over het leven van de heilige. Het wordt een gebedsproces. Je bent niet alleen een maker, maar ook een bidder. In Nederland is er een groeiende gemeenschap van iconenschilders.

Je bent dus niet alleen. Er zijn cursussen, workshops en zelfs speciaalzaken die materialen verkopen.

Het is een hobby die je zowel individueel als in een groep kunt beoefenen. De spirituele ervaring staat hierbij centraal, ongeacht je religieuze achtergrond.

De kern van het proces: materialen en techniek

Om te beginnen heb je specifieke materialen nodig. Je kunt niet zomaar met acrylverf op een canvasdoek beginnen.

De traditionele techniek vereist hout, gesso, bladgoud en ei-tempera. In Nederland kun je deze materialen kopen bij gespecialiseerde winkels, zoals de Iconenschilderwinkel in Amsterdam of online bij Atelier Anno in Nijmegen. Deze winkels leveren alles wat je nodig hebt, van berkentriplex tot echte bladgoudblaadjes. Het proces begint met de voorbereiding van de plank.

Je heet een paneel van berkentriplex (bijvoorbeeld 20x25 cm). Je lijmt het met PVA-lijm en brengt meerdere lagen gesso aan.

Gesso is een mengsel van krijt en lijm. Je schuurt elke laag glad totdat het oppervlak zo glad is als porselein.

Dit kan dagen duren, maar het is essentieel. Een oneffen ondergrond verpest het resultaat. Daarna volgt de vergulding.

Dit is een spectaculair onderdeel. Je brengt een laag boenwas aan op de delen die goud moeten worden (bijvoorbeeld de achtergrond of de nimbus).

Vervolgens leg je er dunne velletjes bladgoud op. In Nederland wordt vaak 23,75 karaats bladgoud gebruikt. Als het droog is, boen je het glanzend.

De spirituele symboliek van kleur

Het goud moet spiegelen. Hierna begint het schilderen met ei-tempera.

Dit is een verf gemaakt van pigment en eidooier. De verf wordt laag over laag aangebracht, van donker naar licht.

In de iconenschilderkunst heeft elke kleur een diepe betekenis. Je kiest niet zomaar een kleur omdat het mooi staat, maar verdiept je in de symboliek van kleuren in de christelijke kunst.

Je kiest kleuren die de theologie uitdrukken. Blauw is de kleur van het goddelijke en de hemel zoals we die zien in gewelfschilderingen. Rood staat voor leven, passie en het bloed van Christus. Groen symboliseert hoop en nieuw leven.

Geelgoud is het licht van God, een kleur die prachtig tot zijn recht komt in gebrandschilderd glas en de kunst van het licht. Bij het schilderen van gezichten wordt vaak een onderlaag van groen of bruin gebruikt.

Dit heet de "sankir". Vervolgens worden er lichtere lagen aangebracht om het gezicht vorm te geven.

Het is een omgekeerde techniek vergeleken met het schilderen in olie. Je begint donker en bouwt op naar licht. Dit vereist precisie en geduld.

In Nederlandse cursussen leer je eerst de basis van deze lichttechniek voordat je aan complexe composities begint. De ogen worden als laatste geschilderd.

Ze zijn vaak groot en donker, met een kleine highlight. Deze blik is niet gericht op de aarde, maar op de toeschouwer. Het is een blik die door je heen kijkt. Dit is het moment waarop de icoon tot leven komt.

Varianten en modellen: wat kun je schilderen?

Er zijn verschillende soorten iconen die je kunt schilderen. De meest bekende is de "Pantocrator", een afbeelding van Christus die de wereld regeert.

Ook de "Theotokos" (Moeder Gods) is populair. In Nederlandse context zie je vaak ook iconen van lokale heiligen of heiligen die relevant zijn voor de kerkelijke gemeente. Daarnaast zijn er specifieke feesticonen die de geboorte of de opstanding van Christus uitbeelden.

De grootte van de icoon bepaalt vaak de moeilijkheidsgraad en de prijs van de materialen. Een kleine icoon van 15x20 cm is goed te doen voor een beginner.

Een groter werk van 30x40 cm vraagt meer tijd en materiaal. De prijzen voor materialen variëren.

Een basispakket (plank, gesso, verf) voor een kleine icoon kost ongeveer €50 tot €75. Wil je echte bladgoud gebruiken, dan liggen de kosten voor een velletje van 8x8 cm rond de €5 tot €10, afhankelijk van de karaat. Er zijn ook cursussen beschikbaar in Nederland. Een weekendcursus iconenschilderen kost gemiddeld tussen de €150 en €250, inclusief materialen en lunch.

Prijsindicatie materialen (Nederland)

  • Berkentriplex paneel 20x25 cm: €12 - €15
  • Gesso (1 liter): €15 - €20
  • Ei-tempera pigmenten (basis set van 6 kleuren): €40 - €60
  • Bladgoud (boekje van 25 velletjes): €25 - €35
  • Speciale penselen (eekhoornhaar): €10 - €20 per stuk

Een langere cursus van 10 bijeenkomsten, bijvoorbeeld bij het Instituut voor Iconenschilderkunst in Amsterdam, kan oplopen tot €400. De prijs hangt af van de locatie en de begeleiding.

Sommige kerken, zoals de Russisch-orthodoxe kerk in Den Haag, bieden workshops aan tegen een lagere donatie. De totale investering voor je eerste icoon ligt dus rond de €100 tot €150. Als je een cursus volgt, zit hier vaak al het materiaal bij inbegrepen.

Praktische tips om te beginnen

Wil je starten? Zorg eerst voor een goede werkplek.

Je hebt een stabiele tafel nodig met voldoende licht. Een daglichtlamp is aan te raden, vooral in de donkere Nederlandse wintermaanden. Zorg dat je ruimte hebt om je spullen uit te stallen.

Iconenschilderen is een secuur werkje; je wilt niet dat je je penseel steeds moet zoeken. Begin klein.

Kies een eenvoudig icoon, zoals een aangezicht van Christus of Maria. Probeer niet meteen een complexe compositie met meerdere figuren te schilderen.

De basisvaardigheden zijn het belangrijkst. Oefen het aanbrengen van de gesso en het polijsten van het goud. Dit zijn de funderingen van het werk. Volg een workshop of zoek begeleiding.

Hoewel je veel zelf kunt leren via boeken, is de techniek van het ei-tempera schilderen moeilijk onder de knie te krijgen zonder feedback. In Nederland zijn er verschillende iconenschilders die individuele begeleiding aanbieden.

Zoek online naar "iconenschildercursus Nederland" of vraag bij een orthodoxe kerk in jouw omgeving of ze een atelier hebben. Respecteer de traditie. Probeer niet te experimenteren met de canonieke regels voordat je ze echt begrijpt.

Een icoon is een gebed. Je schildert niet met je handen alleen, maar met je hart.

De regels zijn er niet om je creativiteit te beperken, maar om je te helpen een spiritueel beeld te maken.

Zodra je de techniek beheerst, kun je altijd nog je eigen stijl ontwikkelen. Tot die tijd: volg het pad dat al eeuwenoud is. Veel succes en zegen toe gewenst bij je eerste icoon. Het is een prachtige reis die je dichter bij jezelf en bij het mysterie van het geloof brengt.

Portret van Henk van der Linden, historicus over religieuze tradities in Nederland
Over Henk van der Linden

Henk schrijft al 20 jaar over Nederlandse en Europese cultuurgeschiedenis voor een breed publiek.

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Religieuze Kunst, Muziek en Musea
Ga naar overzicht →