Het Begijnhof Haarlem: De historie van de begijntjes in de stad

Portret van Henk van der Linden, historicus over religieuze tradities in Nederland
Henk van der Linden
Historicus en cultuurjournalist
Kloosterleven en Abdijen · 2026-02-15 · 7 min leestijd

Stel je voor: je wandelt door Haarlem, de zon schijnt op de klinkers en je ziet een rustig poortje. Binnen wacht een oase van groen en historie.

Dit is het Begijnhof, een plek met een verhaal dat teruggaat tot de middeleeuwen. In dit artikel neem ik je mee langs de rijke historie van de begijntjes in Haarlem, van hun vroom leven tot de huidige bewoners. Je ontdekt hoe deze bijzondere plek is ontstaan, wat er gebeurde tijdens de Reformatie en hoe je het zelf kunt bezoeken.

## De stichting van het Begijnhof in Haarlem

De begijnen waren geen nonnen, maar vrome vrouwen die in de wereld bleven wonen en werkten.

Ze leefden volgens een regel, maar legden geen eeuwige geloften af. In Haarlem vond deze beweging al vroeg voet aan de grond. Het Begijnhof in Haarlem werd gesticht in 1262, een datum die de geschiedenis van de stad tekent. De oorspronkelijke locatie lag nabij de Bakenessergracht.

Een plek nabij de Bakenessergracht

Dit was een levendige havenbuurt, maar de begijnen zochten toch rust en afzondering. Het hofje lag net buiten de stadsmuren, een typische plek voor een begijnhof.

Hier konden ze ongestoord bidden en werken. De ligging was strategisch: dicht bij de stad, maar toch apart. Zo konden de begijnen makkelijk contact houden met de inwoners van Haarlem, zonder onderdeel te worden van de drukte.

De groei van de gemeenschap

Al snel na de stichting groeide de gemeenschap. In de 14e eeuw telde het Begijnhof al een flink aantal vrouwen.

Ze kwamen uit alle lagen van de bevolking: van eenvoudige meisjes tot welgestelde weduwen. Ze deelden een gemeenschappelijke leefruimte, maar hadden elk hun eigen huisje. Dit zorgde voor een unieke mix van zelfstandigheid en saamhorigheid.

## De Waalse Kerk als middelpunt

De begijnen waren actief in de stad: ze werkten als verpleegsters, onderwezen kinderen of verkochten zelfgemaakte spullen. Dit maakte hen een geliefde groep in Haarlem.

Het hart van het Begijnhof was altijd de kapel. Hier kwamen de begijnen samen voor gebed en vieringen.

Oorspronkelijke begijnhofkapel

De kapel was gewijd aan Sint-Bavo, de beschermheilige van Haarlem. Na de Reformatie kreeg het gebouw een heel andere bestemming. Sinds 1586 is de voormalige begijnhofkapel in gebruik als Waalse Kerk.

Dit is een prachtig voorbeeld van hoe religieuze tradities in Nederland kunnen veranderen, maar wel blijven voortleven.

Overdracht aan de Waalse gemeente

De kapel werd gebouwd in de 15e eeuw. Het was een eenvoudig, maar sfeervol gebouw met een houten tongewelf. De begijnen zorgden zelf voor de inrichting. Ze hielden van eenvoud en soberheid, passend bij hun levenswijze.

Na de Reformatie werd de kapel onttrokken aan de katholieke eredienst. Toch bleef het gebouw behouden, dankzij de Waalse gemeente.

Architectuur

In 1586 kreeg de Waalse gemeente de kapel in gebruik. Dit was een groep protestanten die vluchtte voor de godsdienstoorlogen in Vlaanderen en Frankrijk. Ze zochten een veilige plek in Haarlem en vonden die in het Begijnhof.

De kapel werd aangepast aan de protestantse eredienst, maar de oorspronkelijke sfeer bleef bewaard.

## Het leven op het Haarlemse Begijnhof

Vandaag de dag is de Waalse Kerk nog steeds in gebruik en is het een levendig centrum voor de Waalse gemeenschap in Haarlem. De Waalse Kerk is een eenvoudig, maar elegant gebouw. Binnen valt direct het houten tongewelf op, een typisch element uit de middeleeuwen.

De ramen zijn klein en geven een zacht licht, perfect voor een rustige gebedsruimte. Er is geen versiering te zien; de kerk is sober en ingetogen, zoals het betaamt voor een protestantse kerk.

Regels van de begijnen

Toch ademt de ruimte een rijke historie. Als je er binnenstaat, voel je de eeuwenlange gebeden en verhalen om je heen.

Het leven van een begijn was uniek. Ze waren geen nonnen, maar leefden wel in een gemeenschap. Ze hadden hun eigen regels en tradities, die werden vastgelegd in een "regel".

Inkomstenbronnen

Dit zorgde voor structuur en eenheid. Tegelijkertijd genoten ze van een grote mate van vrijheid.

Ze konden zelf beslissen of ze wilden blijven of vertrekken. Dit maakte het begijnhof aantrekkelijk voor veel vrouwen. De begijnen leefden volgens de regel van Sint-Augustinus. Ze beloofden kuisheid en gehoorzaamheid, maar geen armoede.

De Reformatie

Ze mochten eigen bezit hebben en zelf hun geld verdienen. Elke dag begon met gebed en een mis in de kapel.

Daarna gingen ze aan het werk. Sommigen bleven in het hofje, anderen gingen de stad in. Ze mochten geen mannen binnenlaten, behalve de biechtvader of een dokter.

Deze regels zorgden voor een veilige en vrome omgeving. De begijnen waren zelfredzaam.

## Transformatie naar een hofje

Ze verdienden hun geld met allerlei activiteiten. Veel vrouwen werkten als verpleegsters, een roeping die paste bij hun geloof. Anderen onderwezen meisjes in lezen en schrijven.

Sommigen verkochten linnengoed of andere handgemaakte spullen op de markt. Het Begijnhof had ook eigen bezit, zoals landerijen en huizen in de stad.

De opbrengsten daarvan zorgden voor een stabiele inkomstenbron. Zo konden de begijnen hun gemeenschap in stand houden.

Verval van de begijnengemeenschap

De Reformatie in de 16e eeuw veranderde alles. Haarlem werd een protestantse stad en de katholieke kerk verloor haar positie. Het historische Begijnhof in Breda bleef bestaan, maar de kapel werd overgedragen aan de Waalse gemeente.

Veel begijnen bekeerden zich tot het protestantisme, anderen bleven katholiek en verdwenen stilaan uit beeld.

De gemeenschap werd kleiner, maar bleef bestaan. Dit toont de veerkracht van de begijnen en hun aanpassingsvermogen. In de 18e eeuw begon de gemeenschap te verzwakken. De Reformatie had zijn sporen nagelaten en steeds minder vrouwen voelden zich aangetrokken tot het begijnleven.

Herbestemming van de huisjes

Het Begijnhof veranderde langzaam van een religieuze gemeenschap in een woonhofje voor alleenstaande vrouwen. Dit proces was geleidelijk, maar onomkeerbaar.

Vandaag de dag is het Begijnhof een van de mooiste hofjes van Haarlem. Na de Reformatie bleven de begijnen nog enige tijd bestaan, maar de groep werd steeds kleiner. Wie meer wil weten over de levenswijze van de begijnen: in de 19e eeuw was er nog maar een handvol over.

Ze waren oud en hadden geen opvolging. Het hofje raakte in verval.

Huidige bewoners

De huisjes waren niet meer geschikt voor bewoning en de tuin werd verwaarloosd. Toch bleef de plek bestaan, dankzij de inzet van enkele bewoners en weldoeners. In de 20e eeuw kreeg het Begijnhof een nieuwe bestemming.

De huisjes werden gerestaureerd en ingericht als woningen voor alleenstaande vrouwen. Dit paste bij de oorspronkelijke functie van het hofje.

De Waalse Kerk bleef in gebruik en de tuin werd opnieuw aangelegd. Het Begijnhof in Amsterdam kreeg een tweede leven als een rustige woonplek midden in de stad.

## Het Begijnhof bezoeken tijdens een hofjeswandeling

Dit maakt het tot een uniek stukje Haarlemse geschiedenis. Vandaag de dag wonen er nog steeds alleenstaande vrouwen in het Begijnhof. Ze zijn geen begijnen meer, maar de sfeer van vroomheid en rust is gebleven.

De bewoners zijn vaak oudere vrouwen die op zoek zijn naar een veilige en rustige plek.

Het hofje wordt beheerd door een stichting die zorgt voor het onderhoud. De bewoners zijn trots op hun unieke woonplek en vertellen graag over de geschiedenis. Het Begijnhof is een must-see tijdens een bezoek aan Haarlem. Het ligt midden in de stad en is makkelijk te bereiken.

Hofjesroute Haarlem

Je kunt het hofje zelfstandig bezoeken of deelnemen aan een georganiseerde wandeling. De sfeer is er rustig en intiem.

Je waant je even in een andere tijd. Vergeet niet de Waalse Kerk te bezoeken, want die is vaak open voor bezoekers. Haarlem staat bekend om zijn hofjes.

Er zijn er meer dan 20, elk met een eigen verhaal. Het Begijnhof is een van de oudste en meest bekende.

Toegankelijkheid

Een hofjesroute voert je langs de mooiste plekken, zoals het Hofje van Bakenes en het Hofje van de Waag. Je kunt een route volgen via een plattegrond of een gids. De wandeling duurt ongeveer 2 uur en voert je door smalle straatjes en rustige binnenplaatsen.

Het Begijnhof is dagelijks geopend, maar de openingstijden kunnen wisselen. De toegang is gratis, maar een vrijwillige bijdrage voor het onderhoud wordt op prijs gesteld.

De Waalse Kerk is meestal open op zondagen en tijdens open monumentendagen. Parkeren in de buurt is betaald, maar het centrum van Haarlem is goed bereikbaar met het openbaar vervoer.

Bezienswaardigheden in de buurt

Een fiets is een ideale manier om de stad te verkennen. Na een bezoek aan het Begijnhof kun je de omgeving verkennen. De Grote Markt ligt op loopafstand, met de prachtige Grote Kerk en gezellige terrassen.

Het Frans Hals Museum is ook dichtbij en zeker een bezoek waard.

Voor een rustig moment kun je terecht in de Haarlemse Hout, een park net buiten het centrum. Zo combineer je cultuur, geschiedenis en ontspanning op een perfecte manier.

Portret van Henk van der Linden, historicus over religieuze tradities in Nederland
Over Henk van der Linden

Henk schrijft al 20 jaar over Nederlandse en Europese cultuurgeschiedenis voor een breed publiek.

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Kloosterleven en Abdijen
Ga naar overzicht →